Protestantse Kerken België

 contact |  over ons |   organigram

Het WC-papier-bad

Bijbelse verhalen verteld voor kinderen
Thema: Over gebaande wegen
Jesaja 40: Bergen worden geslecht en dalen geëffend

Bijbeltekst (NBV)

Jesaja 40

1 Troost, troost mijn volk, zegt jullie God.
2 Spreek Jeruzalem moed in, maak haar bekend dat haar slavendienst voorbij is, dat haar schuld is voldaan, omdat zij een dubbele straf voor haar zonden uit de hand van de HEER heeft ontvangen.

3 Hoor, een stem roept: ‘Baan voor de HEER een weg door de woestijn, effen in de wildernis een pad voor onze God.
4 Laat elke vallei verhoogd worden en elke berg en heuvel verlaagd, laat ruig land vlak worden en rotsige hellingen rustige dalen.
5 De luister van de HEER zal zich openbaren voor het oog van al wat leeft. De HEER heeft gesproken!'

6 Hoor, een stem zegt: ‘Roep!' En een stem antwoordt: ‘Wat zou ik roepen? De mens is als gras, hij bloeit als een veldbloem.
7 Het gras verdort en de bloem verwelkt wanneer de adem van de HEER erover blaast. Ja, als gras is dit volk.'
8 Het gras verdort en de bloem verwelkt, maar het woord van onze God houdt altijd stand.

9 Beklim een hoge berg, vreugdebode Sion, verhef je stem met kracht, vreugdebode Jeruzalem, verhef je stem, vrees niet. Zeg tegen de steden van Juda: ‘Ziehier jullie God!'
10 Ziehier God, de HEER! Hij komt met kracht, zijn arm zal heersen. Zijn loon heeft hij bij zich, zijn beloning gaat voor hem uit. 11 Als een herder weidt hij zijn kudde: zijn arm brengt de lammeren bijeen, hij koestert ze, en zorgzaam leidt hij de ooien.

12 Wie heeft de wateren met holle hand omvat, de hemel gemeten met een ellenmaat? Wie heeft het stof van de aarde met een maatlepel afgepast? Wie heeft de bergen gewogen op een weegschaal, de heuvels met balans en gewichten?
13 Wie heeft de geest van de HEER gemeten? Heeft iemand hem ooit raad gegeven?
14 Wie raadpleegt hij, wie biedt hem inzicht? Wie leidt hem op de paden van het recht? Wie leidt hem naar de wijsheid? Wie toont hem de weg van het inzicht?
15 In zijn ogen zijn de volken als een druppel in een emmer, als een stofje op een weegschaal; de eilanden weegt hij als zandkorrels.
16 Zelfs de Libanon levert te weinig hout, te weinig wild voor een brandoffer.
17 De volken betekenen niets in zijn ogen, voor hem zijn ze minder dan niets.

18 Met wie wil je God vergelijken, hoe is hij uit te beelden?
19 Met een godenbeeld misschien? Dat is door een ambachtsman gemaakt, door een edelsmid overtrokken met goud en zilverbeslag.
20 Met een beeld, opgericht op een bergtop? Dat is maar een stuk hout dat niet vermolmt, met zorg gekozen door een vakman, die een godenbeeld wil maken dat niet omvalt.

21 Weet je het niet? Heb je het niet gehoord? Is het je niet van meet af aan verteld? Is het niet al helder sinds de grondvesting van de wereld?
22 Hij troont boven de schijf van de aarde - haar bewoners zijn als sprinkhanen -, hij spreidt de hemel uit als een doek, spant hem uit als een tent om in te wonen.
23 Hij maakt vorsten nietig, de leiders van de aarde onbeduidend: 24 nauwelijks zijn ze geplant, nauwelijks gezaaid, nauwelijks hebben ze wortel geschoten, of hij blaast over hen, en ze verdorren en de stormwind neemt hen op als kaf.
25 Met wie wil je mij vergelijken, zegt de Heilige, aan wie ben ik gelijk te stellen?
26 Kijk omhoog: wie heeft dit alles geschapen? Hij laat het leger sterren voltallig uitrukken, hij roept ze bij hun naam, een voor een; door zijn kracht en onmetelijke grootheid ontbreekt er niet één.

27 Jakob, waarom zeg je - Israël, waarom beweer je: ‘Mijn weg blijft voor de HEER verborgen, mijn God heeft geen oog voor mijn recht'?
28 Weet je het niet? Heb je het niet gehoord? Een eeuwige God is de HEER, schepper van de einden der aarde. Hij wordt niet moe, hij raakt niet uitgeput, zijn wijsheid is niet te doorgronden. 29 Hij geeft de vermoeide kracht, de machteloze geeft hij macht in overvloed.
30 Jonge strijders worden moe en raken uitgeput, zelfs sterke helden struikelen,
31 maar wie hoopt op de HEER krijgt nieuwe kracht: hij slaat zijn vleugels uit als een adelaar, hij loopt, maar wordt niet moe, hij rent, maar raakt niet uitgeput.

Verhaal

Bijbels verhaal voor kinderenWij hadden in de kerk Jesaja 40 gelezen, waar hij zegt dat bergen worden geslecht en dalen geëffend. Domi Geurs zei daarover: "Dit is een belofte voor Israël, als ze terugkeren uit ballingschap. Die achtergrond moeten wij voor ogen hebben, anders begrijp je het punt niet dat Jesaja wil maken. Ze kwamen terug uit Babel, het land van hun slavernij. Ze mochten naar huis, maar de weg was lang, duizend kilometer was niets, en het ging te voet, met vrouwen en kinderen. Over bergen moest het gaan, en door gevaarlijke, diepe dalen. Wat zullen wij tegenkomen onderweg, komen wij wel in Jeruzalem aan, ons thuisland?
Dat was de vraag, dat was de angst, en Jesaja geeft daarop antwoord. Ze gaan naaar het Huis van hun Vader, geen twijfelen aan, en de weg zal worden geëffend. bergen worden geslecht en dalen zullen gladde wegen zijn".
"Prachtig is dat", zei mijn grootmoeder Amalia, "daar zit ook voor ons een blijde Boodschap in. Ik kan het daarmee doen. Ik heb in concentratiekampen gezeten, zoals iedereen weet. Die beelden beheersen mijn leven. Hoe vaak heb ik niet gekeken door de versperringen van prikkeldraad, en zag ik de bergen in de verte, en heb ik niet gedacht: was ik maar daar, en was er maar een weg naar huis! Die weg heb ik gevonden met Gods hulp, daarom zit ik hier, Hij heeft voor mij de bergen geslecht en de dalen geëffend".
"Zijn dalen dan ook gevaarlijk?" vroeg Pascal, "van bergen begrijp ik het wel, daar kan je van afvallen en je nek breken".
"Dalen zijn nauw", zei Domi Geurs, "ben je daarin met heel je karavaan, kunnen de vijanden van bovenaf op je vallen, dan zit je in de val".
‘Dat had ik laatst met mijn buurvrouw", zei Pascal, "ik zat in haar tuin, waar ik helemaal niet mag komen, maar ik zocht mijn bal, en toen kwam zij als een briesend paard op me af, en ik kon geen kant heen. Was me dàt even benauwd!"
"O, vandààr die blauwe bult!" zei Marie.
"Ja, en ze heeft mijn bal ook lek gestoken, ik zal het haar betaald zetten!" riep Pascal.
"Ja", zei Domi, "maar wat jij zegt, Pascal, is niet hetzelfde. Jij was op verboden terrein, en dat was Israël niet!"
"Volgens hun vijanden wèl", riep Pascal. "Voor je vijanden ben je altijd op verboden terrein!"
Ja, dat was helemaal waar, vond de kinderkerk, één punt voor Pascal.
"Je moet niet luisteren naar je vijanden', zei mijn grootmoeder, "dat heb ik ook nooit gedaan. je moet luisteren naar God. En van Hem zijn alle bergen en alle dalen, en Hij kan ermee doen wat hij wil!"

Er viel een stilte in de kerk. Daar moest iedereen over nadenken. Toen zei hij: "Laat ik nu aan de kinderen mijn verhaal vertellen, voor ze naar de kinderkerk gaan. Het heet: HET WC-PAPIER-PAD, en het gaat juist over ons onderwerp van gebaande wegen. Luister maar.

Er was een man die Tony heette, Tony Schilling, en hij was een gids voor mensen die de bergen in gingen. Hij was eigenlijk een botanicus, maar hij verdiende wat bij als gids. Hij leidde rijke touristen in Nepal, dat is een land hier ver vandaan..."
"Het verhaal is dus echt gebeurd", zei Hendrik, "ik luister!"
"Ja, Tony leidde de touristen van Kathmandu, dat is een grote stad naar de voet van de Mount Everest..."
"Dat is een geweldig hoge berg", zei Pascal, en hij stond op met zijn armen hoog, "hij is 8.846 meter hoog, dat is het hoogste punt op aarde. Alleen vliegtuigen komen nog hoger. En raketten!"
"Juist Pascal", zei Domi, "en naar de voet van die berg bracht Tony de touristen. Dan stonden ze daar met open mond. Wat was die berg hoog, zeg! En dan maakten ze foto's, en dan werd die berg zo plat als een stukje fotopapier, en daarmee deden ze juist wat ik nu wil vertellen: bewijzen dat voor God hoogten en diepten niet bestaan. In één flits liggen ze plat, en kan je ze plakken in een fotoboek!"
"Wat een fototoestel al niet kan!" zei Hendrik, helemaal overbluft.

En Domi Geurs vervolgde: "Maar die tocht naar de berg viel de touristen best tegen, en weet je waarom? Ze kregen last van diarree, ze noemen dat buikloop".
"Ja, dan ga je af als een gieter", zei Pascal.
En Domi ging verder: "Goede raad was duur. Want wat moet je doen als je buikloop hebt, en je gaat af als een gieter? Ja, precies, dan heb je wc-papier nodig, en niet zo'n klein beetje. Ze hadden dat wel bij zich, natuurlijk, maar niet zovéél. Dus wat heeft Tony gedaan? Hij heeft het de bergen in laten brengen per helicopter. En het gevolg was dat overal langs het pad nu stukken toiletpapier lagen. Lange stukken die door de wind in de struiken waaiden.
Op grote hoogte vergaat papier niet zo gauw, dat ligt aan de lucht, dus die stukken bleven hangen en markeerden het pad. Dat vonden de touristen erg grappig - als ze niet allemaal zoveel last van buikloop hadden!
Tony noemde het pad naar de Mount Everest The Loo Paper Trail, het WC-Papier-Pad. En zo heet het misschien nog wel.Verdwalen kon je er in elk geval niet".

Hij keek de kring rond, waar iedereen zat te grinniken, zelfs Magda mijn anders zo ernstige moeder die haar armbanden zat te schikken. "Begrijpen jullie, kinderen, wat ik met mijn verhaal wil?"
"Eigenlijk niet", zei Dikke Hendrik met de neus opgetrokken, "God gebruikt toch geen wc-papier!"
"Waarom niet", zei Sharon, "God staat niets in de weg, dat hebben we toch net gehoord!"
En mijn grootmoeder eindigde de zitting, zoals gewoonlijk. Zij zei: "Van je fouten en gebreken kan je leren. Dat moeten wij allemaal. Onderweg naar God produceren wij heel wat afval. En vuil, en stank, dat wil je niet weten. Maar door schade en schande worden we wijs. Nu meng ik verf in mijn vrije tijd, en maak ik schilderijen. En verf ruikt heerlijk, dat kan ik je vertellen!"

Waarop hij nog dit zei: "Jazeker, mevrouw Mandelkern. En wat Tony betreft, de gids uit mijn verhaal: hij was ook botanicus, dat het ik al gezegd. Hij vond op zijn voettochten omhoog een plant die heerlijk geurde, en vooral in de nacht, hij werd er wakker van. Hij vond en ontdekte een plant met grote, weelderige bladen, en oranje bloemen welke die heerlijke geur verspreidden..."
"Ja, dat is het Hedichium Tara", zei Sara Veerman, die botanica als hobby heeft. "Hij heeft die plant naar zijn dochter genoemd die Tara heet. Ik weet dat toevallig".
Mijn grootmoeder zei: "Zo doet Gods genade ook op onze levensweg. Zijn liefde geurt zelfs in de nacht, en heft de akelige lucht op die wij verspreiden..."

"Amen!" zei de kerk, en daarmee was de dienst gedaan, behalve dat de moeder van Letitia op het laatste moment nog iets had. Zij was in de kerk tot verbazing van iedereen, en ze had met de lippen samengeknepen gezeten tot aan het Amen. Toen zei ze: "Zoveel woorden verspillen voor iets dat je in tien woorden kunt zeggen, wat voor zin heeft dat. Jullie bedoelen: De hele wereld is verpest, maar Gods genade maakt haar goed".

Pascal zei: "Dat zijn geen tien woorden, mevrouw, maar elf!"
"Amen", zei de kinderkerk. En die moeder heet Hermien Gelman.
SOFIE M.

Bron: Harmen Geurs D.D., Kollum, Friesland


Terug naar boven
Verenigde Protestantse Kerk in België
Brogniezstraat, 44
B, 1070 Brussel
T: 02 511 44 71
Neem contact op

Franstalige versie: protestanet.be